NEW YORK In New York is de doopakte van wellicht ’s lands beroemdste schutter en bandiet gevonden, ofwel Billy the kid. Samen met andere informatie over zijn familie wijst dit erop dat hij katholiek is opgevoed. De ontdekking werd gedaan in verband met het leven van een mogelijke heilige die hem kende.
Gedurende haar tweeduizendjarige geschiedenis heeft de kerk allerlei soorten mensen omarmd: de wijzen en de onwetenden, beroemde figuren en onbekenden, heiligen en zondaars. Volgens recente ontdekkingen in parochiearchieven zou Billy the Kid tot deze laatste categorie kinderen van de kerk hebben behoord.
Henry McCarty, beter bekend als “Billy the Kid”, was een van de meest gevierde outlaws en schutters van het Amerikaanse Wilde Westen. Ondanks zijn korte leven en dankzij zijn verbazingwekkende snelheid met een revolver, werd hij een legende van de VS. Hij verwierf bekendheid door een bende schutters te vormen om de dood van hun leider, rancher John Tunstall, te wreken.
Volgens nieuwszender 1010WINS zou een groep onderzoekers documentair bewijs te hebben gevonden dat bevestigt dat de legendarische schutter in de katholieke kerk is gedoopt en in een katholiek gezin is opgegroeid.
Het document is een doopregister dat is gevonden in de archieven van de voormalige St. Peter’s-parochie in New York City. St. Peter’s was de eerste rooms-katholieke parochie in New York, opgericht in 1785, bij de bouw ervan waren prominente figuren betrokken, zoals koning Karel III en de aartsbisschop van Mexico-Stad. Zelfs nu nog is een van de kerkbanken gereserveerd voor de koning van Spanje of zijn ambassadeur.
Onderzoekers hebben de doopakte van Henry McCarty, de geboortenaam van de man die later bekend zou worden als Billy the Kid, gevonden in de parochieregisters van de St. Peter’s Church. Volgens de onderzoekers biedt het document een zeer interessant historisch detail, aangezien het vroege leven van de beroemde outlaw altijd in onzekerheid gehuld is geweest. De akte geeft aan dat Billy the Kid in september 1859 is geboren, en niet in november zoals sommigen eerder beweerden.
Uit de documenten blijkt dat hij als jong kind gedoopt werd in een katholiek gezin van Ierse afkomst. “Zijn ouders zijn daar getrouwd. We hebben die akte. Acht jaar later werd hij daar gedoopt. Zijn broer ook. Hij leefde het sacramentele leven, wat betekent dat hij onderwijs in het katholieke geloof ontving,” legt archivaris Allen Sanchez deze week uit tijdens de jaarlijkse bijeenkomst van de Old West History Association in Albuquerque. Hoewel deze informatie ons niet in staat stelt zijn volledige latere religieuze leven te reconstrueren, bevestigt het wel zijn band met de kerk.
Dit nieuws herinnert ons er ook aan hoe belangrijk parochiearchieven zijn, ware schatten van het historisch geheugen van de kerk. Dankzij de sacramentenregisters die generaties lang bewaard zijn gebleven, is het mogelijk de biografieën van talloze mensen te reconstrueren, waaronder figuren wier historische betekenis veel verder reikt dan de kerkelijke sfeer. Het was het Concilie van Trente in de 16e eeuw dat alle parochies verplichtte sacramentenregisters bij te houden, waarmee een veel oudere gewoonte werd geformaliseerd.
De outlaw en de non

Interessant genoeg is het katholicisme van Billy the Kid verbonden met een figuur die tot de andere categorie kinderen van de Kerk zou kunnen behoren: heiligen. Dit is zuster Blandina Segale ( foto).
De ontdekking van Billy the Kid’s doopbewijs vond plaats in het kader van het vooronderzoek naar de mogelijke zaligverklaring van deze Zuster van Liefde van Cincinnati. Hoewel Billy haar waarschijnlijk niet kende tijdens zijn jeugd, verklaart het katholicisme waarin hij opgroeide het grote respect dat hij voor nonnen en in het bijzonder voor Zuster Blandina toonde.
Toen de non en de outlaw elkaar in Colorado ontmoetten, wist zuster Blandina Billy the Kid ervan te overtuigen het geweld af te zweren tijdens een beroemde ontmoeting. Helaas zou de schutter uiteindelijk terugvallen in zijn oude gewoonten, ter dood veroordeeld worden en een van de beroemdste ontsnappingen uit de geschiedenis in scène zetten, waarbij hij twee bewakers doodde. Zijn voormalige vriend, sheriff Pat Garrett, vond hem en schoot hem in 1881 in het donker dood in Fort Sumner, New Mexico, op 21-jarige leeftijd.
Zuster Blandina leefde nog zestig jaar, waarin ze indrukwekkend werk verrichtte door voor de armen en zieken in New Mexico en Ohio te zorgen. Haar zaligverklaringsproces wordt momenteel voorbereid. Wie weet of haar nagedachtenis de jonge outlaw in die donkere kamer van Fort Sumner tot berouw op zijn sterfbed had kunnen bewegen ?























