Parlementsverkiezingen in Polen

-WARSCHAU- (ADN/RED) Polen gaat vandaag, zondag, naar de stembus voor de parlementsverkiezingen.

De conservatieven partij PiS zal volgens waarnemers de grootste blijven al is het nog niet zeker of de partij een meerderheid in het parlement zal behouden.

De partij van premier Morawiecki is zeer populair vanwege sociale toeslagen die de afgelopen jaren ingevoerd werden. De oppositie noemt dat omkoping van de kiezer en vreest dat de Poolse economie deze maatregel niet aan zal kunnen.

PiS maakte zich in de aanloop naar de verkiezingen ook sterk voor minder invloed van de EU. In Brussel is steeds meer kritiek op de Poolse regering, met name door de veranderingen binnen de Poolse rechterlijke macht. De eerste exit-polls worden rond 20.oo uur verwacht.

Onvrede

De rechts-conservatieve, populistische regeringspartij PiS zal de parlementsverkiezingen vandaag in Polen met groot overwicht winnen, aldus de peilingen. Maar verandering ligt op de loer: het nieuwe linkse blok Lewica kan de progressieve oppositie terugbrengen naar het parlement, na een totale afwezigheid van vier jaar. Het zijn de Poolse burgers die het pad daarvoor effenden, met vele protesten — tegen de regering, de ultraconservatieve moraal, de Kerk en de ultranationalisten.

Een sterker autoritair blok én een sterkere progressieve tegenmacht: deze historische verkiezingen leveren de blauwdruk voor een ongeziene polarisering.

Een tweede opeenvolgende absolute meerderheid voor PiS (Prawo i Sprawiedliwość, of Recht en Rechtvaardigheid) ligt in het verschiet na de verkiezingen van zondag. De plannen liggen klaar om de onafhankelijke instellingen van de rechtsstaat nog meer te onderwerpen aan de macht van de partij. Polen kan verder de weg van Hongarije op.

Maar de autoritaire machtsgreep blijft niet zonder gevolgen: de komende vier jaar kan de nieuwe tegenmacht van onderuit  nu ook politiek vertegenwoordigd worden in het parlement. Ook de seculiere anti-Kerkbeweging, aangestuurd door vrouwen, kan haar intrede doen in het Poolse parlement.

‘Mijn Strijd’

Piotr Rybak stond op het centrale plein van de Poolse stad Wrocław toen hij een joodse pop in brand stak. Voor die daad kreeg hij drie maanden gevangenisstraf. Twee jaar later organiseerde hij samen met voormalig Priester Jacek Międlar een ultranationalistische mars ter gelegenheid van de Poolse Onafhankelijkheidsdag op 11 november 2017. Marta Lempart, oprichtster van de Poolse Nationale Vrouwenstaking, riep mensen samen om de mars te blokkeren. Het OM vervolgde haar wegens ‘verstoring van een wettelijk toegelaten demonstratie’, maar de rechter gaf Lempart later gelijk.

Een half jaar later promootte Międlar zijn nieuwe boek Mijn Strijd voor de Waarheid, een verwijzing naar Hitler’s beruchte boek ‘Mein Kampf’, op hetzelfde plein. Lempart organiseerde meteen een tegenbetoging. De openbaar aanklager vervolgde haar partner Natalia wegens – opnieuw – ‘verstoring van een demonstratie’.

‘Voor al onze blokkades van ultranationalistische marsen vervolgt de openbaar aanklager ons op die grond’, zegt Lempart. ‘Ik denk dat er een twintigtal rechtszaken tegen mij lopen. En ik vrees dat steeds minder rechters me gelijk zullen geven. Dit zijn de laatste dagen van de onafhankelijke rechterlijke macht in Polen.’

Amnesty International documenteerde hoe rechters, die vervolgde activisten vrijspreken op grond van de vrijheid van meningsuiting, via een nieuwe disciplinaire commissie bestraft en vervangen worden.

Op 24 juli veroordeelde een rechter 15 betogers voor het eerst tot 230 euro boete, wegens ‘verstoring van het verkeer’. Ze betoogden voor een onafhankelijke rechterlijke macht.

‘Dit zijn de laatste dagen van de onafhankelijke rechterlijke macht in Polen.’

De ruimte voor vrijheid van vereniging krimpt zienderogen in Polen. Ook Rafal Szuscek, een docent aan de universiteit van Warschau, is de tel kwijt hoeveel rechtszaken er tegen hem lopen. Op 1 maart 2018 nam hij deel aan een blokkade van een ultranationalistische mars. ‘Politieagenten gooiden me op de grond, sloegen me in de boeien, sleepten me naar de politiewagen en sloegen me in het gezicht’, zegt hij. Een dag later diende de politie klacht in tegen Szuscek wegens ‘belediging van een politieagent’.

In februari trok Szuscek samen met twee vrienden het standbeeld van priester Henryk Jankowski van zijn sokkel. Verschillende mensen waren naar buiten gekomen met getuigenissen over hoe Jankowski hen als kind seksueel misbruikte.

‘De Kerk is schuldig door stilte. De samenleving omdat ze niet dacht aan de trauma’s van haar medeburgers die ze in stilte en pijn verder liet leven, terwijl de dader als held vereerd werd’, zegt Szuscek. Uiteindelijk werd Szuscek aangeklaagd wegens ‘belediging van een monument’.

Tot april 2018 organiseerde de Poolse regering elke maand een mars voor de herdenking van de vliegtuigcrash waarbij president Lech Kaczyński om het leven kwam. ‘Die herdenkingsmarsen waren ontaard in propaganda om de afbouw van de democratie te maskeren’, zegt Pavel Kasprzak, al dissident sinds het communistische regime.

Met maandelijkse tegenbetogingen werd Kasprzak de luis in de pels van Jarosław Kaczyński, leider van regeringspartij PiS en tweelingbroer van de verongelukte president.

‘In april 2017 keurde de regering een nieuwe wet goed waarmee “cyclische” demonstraties, die meerdere keren per jaar op dezelfde plaats worden georganiseerd, voorrang kregen op andere demonstraties op die plaats’, zegt Kasprzak. Sindsdien gebruikt de regering deze wet om tegenbetogingen tegen pro-regeringsdemonstraties en tegen nationalistische demonstraties te criminaliseren.

Maar Kasprzak ging door. ‘De massabetogingen in Warschau vindt de regering zelfs goed, want die zijn zogezegd het bewijs dat de Poolse democratie gezond is. Maar met acties van burgerlijke ongehoorzaamheid kan je onrechtvaardige wetten uitdagen en rechtszaken uitlokken. Dat trekt het maatschappelijk debat pas echt op gang.’

De zwarte Madonna

Ook tegen Elzbieta Podle’sna lopen ongeveer dertien rechtszaken wegens ‘verstoring van demonstraties’. Maar op 6 mei overkwam haar iets ergers: ze werd hardhandig gearresteerd in haar huis in Warschau. De openbaar aanklager beschuldigde haar van ‘de ontheiliging van het beeld van de Zwarte Madonna van Czestochowa’, op basis van artikel 196 van de Strafwet: ‘belediging van religieuze gevoelens’.

Tijdens de huiszoeking vonden de agenten op haar laptop en telefoon wat foto’s van de Zwarte Madonna met regenboogaureool. ‘Er is geen enkel bewijs van een misdaad, enkel een gefabriceerde aanklacht’, zegt Barbora Cernusakova van Amnesty International.

Het gerecht was opgetreden na een vraag van de ultraconservatieve katholieke lobbygroep Ordo Iuris (Latijn voor rechtsorde), verbonden met de wereldwijde fascistische organisatie Tradição Família e Propriedade. De arrestatie van Podleśna werd toegejuicht door minister van Binnenlandse Zaken Brudziński (PiS). Dat wekte de indruk dat de staat het bestraffingsapparaat hanteert op aangeven van ultraconservatieve drukkingsgroepen.

Ordo Iuris zat in 2016 achter het wetsvoorstel voor een totaalverbod op abortus. Dat trok de massaprotesten van de Nationale Vrouwenstaking op gang. Op 3 oktober van dat jaar, na een oproep van de toen nog onbekende Marta Lempart, legden 200.000 vrouwen in heel het land het werk neer en hielden ze een protest, in het zwart gekleed. De Nationale Vrouwenstaking werd het platform voor acties tegen anti-Holebitra-propaganda van de regering, de macht van de Kerk en de ultranationalistische marsen.

Eind juli demonstreerden ze nog hun mobilisatiecapaciteit. Activisten van de Nationale Vrouwenstaking organiseerden in heel het land steunbetogingen in solidariteit met de Holebitra-gemeenschap van Białystok. In die Oost-Poolse stad was op 20 juli de allereerste ‘gaypride’ georganiseerd.

‘Agressieve voetbalsupporters en ultranationalisten gooiden met stenen’, zegt Lempart. ‘Ook gewone burgers deden mee. Ouderen gooiden eieren en rotte groenten van de balkons. Tientallen mensen raakten gewond, waaronder kinderen. Er heerste een echte lynchsfeer. Als de politie er niet geweest was, hadden er doden kunnen vallen.’

Volgens Lempart is de Poolse Kerk mede verantwoordelijk voor het geweld. Tadeusz Wojda, Aartsbisschop van Białystok, had een ‘familiepicknick’ en een publiek gebed in de kathedraal georganiseerd. Honderden mensen stonden geknield voor een spandoek met de tekst: ‘Wij vragen vergeving aan God en de gezegende Moeder voor de zonde van de sodomie.’ Dat ontaardde in de tegenbetoging van gewelddadige ultranationalisten.

Wojda had twee weken voor de Holebitra-mars een publieke oproep gelanceerd ‘om Polen te verdedigen tegen afwijkingen en tegen een aanval op onze kinderen’. De oproep werd in alle kerken in Białystok en de omliggende provincie voorgelezen. Lees verder onder de foto>

De Kerk en de haat

Voor de Europese verkiezingen lanceerde PiS een nieuwe anti-Holebitra-campagne. ‘We hebben te maken met een aanval op het gezin, die hele Holebitra-beweging’, zei Jarosław Kaczynski toen. ‘Dit wordt geïmporteerd, maar het bedreigt onze identiteit, onze natie, het voortbestaan van de Poolse staat.’ In de afgelopen maanden namen meer dan dertig gemeenten wetgeving aan die hun regio tot ‘Holebitra-vrije zone’ uitriep.

Lempart denkt niet dat er positieve verandering op komst is: ‘De taal wordt alleen maar extremer nu de parlementsverkiezingen naderen.’ Waar PiS in 2015 al 37 procent haalde, staan ze nu op 48 procent in de peilingen.

‘De Kerk is niet erger dan de samenleving waarin ze gedijt’, zegt Rafal Szuscek. ‘Stop met de schuld af te schuiven op de Priesters en de Bisschoppen. De Poolse Kerk, dat zijn wij allemaal. Neem er verantwoordelijkheid voor op en doe iets. Kom uit je rol van stille meerderheid die de prodemocratische demonstraties wel steunt, maar louter een observator is.’

Foto: Pixabay

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*