SNEEUW: 10 tips om veilig (auto) te rijden

  De weerprofeten waarschuwen voor een laag sneeuw in onze contreien. In het ganse land kan er 2 tot 7 centimeter sneeuw vallen, met gladde wegen tot gevolg. Wie kan blijft thuis bij de warme haard en gaat niet onnodig de deur uit. Wie toch de weg op moet, neemt de volgende 10 tips van de ADAC ter harte.

Het wordt bitterkoud, mede door de wind die het extra koud laat aanvoelen. Een winterse storing bereikt dinsdagochtend de kust en trekt vervolgens van west naar oost door het land. Het KNMI verwacht 2 tot 5 centimeter sneeuw in zes uur tijd in het hele land. Morgenavond vallen er nog winterse buien die plaatselijk nog kunnen zorgen voor enkele centimeters verse sneeuw.

ADAC en  KNMI waarschuwen voor gladheid op de weg. Een goede zichtbaarheid is cruciaal om veilig rond te rijden. Controleer daarom alvorens U vertrekt of U nog voldoende vriesbestendige ruitenwisservloeistof hebt. Maak voor- en achterruit ijsvrij en vergeet zeker ook de achteruitkijkspiegels niet.

  

Ook wie winterbanden heeft, dient voorzichtig te rijden

1. Draag gemakkelijke kledij en comfortabele schoenen: rijden met een dikke winterjas en/of met sneeuwlaarzen zorgt ervoor dat Uw rit oncomfortabel wordt. Het kan zelfs gevaarlijk zijn, omdat Uw bewegingen beperkt worden.

2. Blijft kalm onder alle omstandigheden: niemand is echt op zijn gemak op besneeuwde wegen, maar paniek leidt tot niets en zorgt ervoor dat U minder goed gaat rijden.

3. Bij het optrekken moet U geleidelijk versnellen, zeker op een helling. Vertrek in eerste versnelling als er niet te veel sneeuw ligt of als de weg vrijgemaakt is. Als er een laag sneeuw ligt, is het beter om in tweede versnelling te vertrekken.

4. Rijden op sneeuw vereist dat U voorzichtig rijdt: brute versnellingen, plotselinge richtingsveranderingen of plots remmen zijn te vermijden. Elke handeling moet goed gedoseerd verlopen.

5. Verminder Uw snelheid en probeer een veilige afstand te bewaren met de andere voertuigen, zelfs als U stilstaat. Op besneeuwde wegen is de remafstand drie keer groter als U nog met zomerbanden rijdt.

6. Anticipeer op de staat van de weg en de onverwachte manoeuvres van de andere voertuigen. Dat is de beste manier om veilig op Uw bestemming te arriveren.

7. Weest extra voorzichtig op open ruimtes zoals bruggen. Daar is de temperatuur nog lager dan op andere plaatsen.

8. Rem op de motor wanneer U bergafwaarts rijdt, in plaats van met het rempedaal ingedrukt. Zeker in afdalingen is het belangrijk om voldoende afstand te bewaren.

9. Rij de strooiwagens niet voorbij. Door in hun spoor te blijven, vermindert U de kans op slippen.

10. Weest extra voorzichtig in bochten. Verminder snelheid vooraleer U ze ingaat. Een keer in de bocht, moet U uw snelheid aanhouden om de wagen zo weinig mogelijk uit evenwicht te brengen.

Ook wie winterbanden heeft, past zijn rijstijl beter aan, zo waarschuwt ADAC. Mocht Uw voertuig toch beginnen te slippen, raak dan niet in paniek. Remmen of gas geven dient U dan absoluut te vermijden. Probeer Uw voertuig stabiel te houden en kijk goed welke richting U uit wil gaan.

Wij wensen U een goede reis en een actieve Beschermengel toe.

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*