St-Quintinuskerk Zonhoven heeft kostbaar relikwie in haar bezit: een haarlok van internetheilige Carlo Acutis

Carlo Acutis (Beeldrechten Parochie)
Woensdag 03 november 2021 08:10 – Bron: ADN/Redactie kerk- Beeld: YT/EMB
 -Zonhoven VL- De Bisschop van Hasselt, Patrick Hoogmartens, heeft maandag twee nieuwe beelden ingezegend in de Sint-Quintinuskerk in Zonhoven. De parochie heeft voortaan zelfs een kostbaar relikwie in haar bezit: een echte haarlok van internetheilige Carlo Acutis.

Begin 2021 werden twee nieuwe altaren geplaatst in de Sint-Quintinuskerk in Zonhoven. Via een wedstrijd werd bepaald welke twee Heiligen daarop mogen prijken. Op één altaar staat intussen een opmerkelijk beeld: een 3D-geprinte Carlo Acutis. Die jongen stierf in 2006, op 15-jarige leeftijd, aan de gevolgen van leukemie.

Websites

Voor zijn dood maakte de jonge Italiaan websites over zijn Katholieke geloof, en hield hij acties voor arme kinderen en jongeren. Zo kreeg hij de bijnaam ‘internetheilige’. Vorig jaar werd hij door Paus Franciscus ook Zalig verklaard. “Het is geen beeld van een Heilige met een klassiek gewaad, maar één met een jeansbroek en een iPad in de hand”, aldus Priester Wim Simons. “Op die manier is hij wellicht ook inspirerend voor onze jongeren. Wij kunnen allemaal goed doen.”

Vanuit Italië kwam ook een relikwie aan: een stukje haarlok van de overleden jongen. Dat wordt voortaan bewaard in de kerk van Zonhoven. Carlo Acutis werd op 10 oktober 2020 in de Basiliek van St. Franciscus van Assisi, in het Italiaanse Assisi, door Kardinaal Agostino Vallini, namens Paus Franciscus, zalig verklaard.

Heilige Amandina

Op het tweede altaar staat het beeld van de Heilige Amandina, de eerste Heilige van het Bisdom Hasselt. Nog de hele week organiseert de federatie Zonhoven de ‘Carlo Acutis’-feesten, om de aankomst van het beeld en het relikwie te vieren. De federatie organiseert deze week nog een quiz, een dierenzegening, verschillende Missen en een komisch programma.

Carlo Acutis in zijn laatste rustplaats (Beeld EMB)

Geef een reactie op dit artikel