BRUSSEL De verspreidingsgebieden van één op de tien vlindersoorten wereldwijd is al veranderd, blijkt uit onderzoek in ruim honderd landen. De klimaatverandering is veruit de belangrijkste oorzaak.
Voor de grootste studie in haar soort bestudeerden Amerikaanse biologen gegevens van 1.759 vlindersoorten in 105 landen. Dat onderzoek legt een snel veranderende natuurlijke wereld bloot: vlindersoorten verschuiven hun verspreidingsgebied op elk continent waar ze voorkomen.
“Klimaatverandering is nu een dominante factor die bepaalt waar soorten kunnen overleven”, zegt bioloog Shawan Chowdhury. “Voor veel vlinders is het de enige optie om te overleven: zich verplaatsen, vaak snel, om geschikte omstandigheden te vinden.”
Lacunes
Maar een minstens even belangrijke conclusie is wat we nog niet weten, zegt hij. “Een van de meest opvallende inzichten is hoeveel bewijs we tot nu toe hebben gemist. Toen we niet-Engelstalige studies en expertise meenamen, ontstond er een compleet ander wereldbeeld.”
Zonder deze bronnen zouden de wereldwijde patronen van verspreidingsverschuivingen dramatisch onderschat zijn, met name in de tropen, waar 80 procent van de insectensoorten leeft.
En er blijven nog grote lacunes, met name in wereldwijde hotspots van biodiversiteit zoals Centraal-Afrika, Zuidoost-Azië, Nieuw-Guinea en het Amazonegebied.
“Het zijn de regio’s waar soorten het meest kwetsbaar zijn en waar we het minst over weten.” zegt Chowdhury. “Tropische vlinders leven al dicht bij hun bovengrens qua temperatuur. Zelfs kleine temperatuurstijgingen kunnen hen over die grens heen duwen, vooral wanneer veranderingen in landgebruik de habitats verstoren waar vlinders van afhankelijk zijn om te migreren en geschikte klimaten te vinden.”
Kanarie in de mijn
De wetenschappers pleiten voor meer en gestructureerd onderzoek om de veranderingen te monitoren.
“Vlinders zijn vroege waarschuwingsindicatoren. Als hun verspreidingsgebieden zo drastisch verschuiven, duidt dat op ingrijpende veranderingen in ecosystemen”, zegt Chowdhury. “We hebben dringend behoefte aan gecoördineerde wereldwijde monitoring, met name in de tropen, om te begrijpen wat soorten doen, waar ze naartoe gaan en hoe we ze kunnen beschermen.”


