Leidt klimaatverandering tot meer migratie? De wetenschap is er nog niet helemaal uit

Leestijd: 4 minuten

Woensdag 1 juli 2026 – 11.54 uur Bron: Redactie Wereld/IPS/The Conversation-Alexis Cloquell Lozano, Beatriz Felipe Pérez, Joan Lacomba Vazquez en María Isolda Perelló Carrascosa – Beeld: MB

VALENCIA     Wetenschappers raken er maar niet uit of de toenemende gevolgen van de klimaatverandering per definitie leiden tot meer migratie. Dat is een probleem, schrijven experten van verschillende Spaanse universiteiten, want de wetenschap hinkt achterop terwijl de klimaatverandering steeds sneller gaat.

Beelden van gezinnen die ontheemd raken door overstromingen, langdurige droogtes of extreme stormen: het is helaas een regelmatig terugkerend thema in het nieuws. Naarmate de impact van klimaatverandering toeneemt, groeit ook de bezorgdheid over de gevolgen ervan.

De wereldwijde klimaatverandering roept een belangrijke vraag op: in hoeverre veroorzaakt die migratie? De vraag lijkt eenvoudig, maar het antwoord is dat allesbehalve.

De relatie tussen klimaatverandering en migratie is de afgelopen decennia uitgegroeid tot een actief en dynamisch onderzoeksgebied. Maar in plaats van een eenduidige visie te ontwikkelen, wordt het onderwerp nog steeds geplaagd door grote conceptuele, methodologische en politieke meningsverschillen.

Ons nieuwe onderzoeksproject, gepubliceerd in het tijdschrift Papers, probeert die onenigheid beter te begrijpen. Voor ons onderzoek hebben we internationale experten op het gebied van migratie, klimaatverandering, ontwikkelingssamenwerking, internationaal recht en overheidsbeleid geïnterviewd. De resultaten van die gesprekken hebben we geanalyseerd met behulp van de Delphi-methode, die de mate van consensus onder specialisten bepaalt.

De resultaten schetsen een beeld dat even veelzeggend als verontrustend is. Ondanks de groeiende academische en politieke belangstelling voor klimaatgerelateerde migratie, bestaat er nog steeds weinig consensus over enkele van de fundamentele kwesties die ermee samenhangen.

Doet het klimaat mensen migreren?

Jarenlang was de discussie gepolariseerd tussen twee standpunten: is klimaatverandering een directe oorzaak van grootschalige bevolkingsverplaatsingen, of hangt ze enkel samen met andere economische, sociale of politieke factoren?

Tegenwoordig lijken de meeste specialisten het erover eens dat het antwoord ergens tussen die twee uitersten ligt. Extreme klimaatgebeurtenissen zoals orkanen, overstromingen en bosbranden kunnen onmiddellijke, duidelijk herkenbare verplaatsingen veroorzaken. Maar langzamere processen, zoals woestijnvorming, bodemerosie of geleidelijk verlies van waterbronnen, hebben de neiging om samen te vallen met andere, reeds bestaande kwetsbaarheden. Daardoor is het moeilijk om van een simpele oorzaak en gevolg te spreken.

Ons Delphi-onderzoek bevestigt dat. De experten die we voor dit onderzoek hebben gesproken, beschouwen klimaatverandering als een extra factor die andere oorzaken van migratie versterkt, in plaats van een geïsoleerd element dat op zichzelf bevolkingsbewegingen kan verklaren.

Binnenlandse migratie als eerste optie

Een van de meest consistente conclusies in de wetenschappelijke literatuur is dat het gros van de klimaatgerelateerde verplaatsingen binnen de eigen nationale grenzen plaatsvinden. Mensen die om klimaatredenen verhuizen, gaan meestal van het platteland naar steden of naar andere regio’s binnen hetzelfde land, in plaats van verre migraties over land te ondernemen.

Dat maakt onderzoek moeilijker. Door een gebrek aan gedeelde definities en goede statistische systemen is het onmogelijk om nauwkeurig te meten hoeveel mensen intern migreren om klimaatredenen, of bijvoorbeeld welke routes ze dan precies volgen.

Bovendien blijft er veel onduidelijkheid over de definitie van begrippen als ‘klimaatmigrant’ en ‘klimaatvluchteling’. Dit belemmert zowel het onderzoek als de ontwikkeling van het overheidsbeleid.

Aanpassingsstrategie of kwestie van overleven?

Een andere veelbesproken kwestie is of we migratie niet gewoon kunnen zien als een aanpassingsstrategie aan klimaatverandering.

Sommige internationale organisaties stellen dat verplaatsing een effectieve manier kan zijn om milieurisico’s te beheersen. Migreren stelt mensen in staat hun gezinsinkomen te diversifiëren en toegang te krijgen tot nieuwe economische kansen, terwijl de druk afneemt op gebieden die steeds kwetsbaarder worden.

Maar ook die visie stuit op kritiek. Veel mensen willen het land waarmee ze culturele, familiale en maatschappelijke banden hebben, helemaal niet verlaten. Niet alle migraties zijn vrijwillig, en vaak ook niet gepland.

Opnieuw wijzen ook de bevindingen van ons onderzoek in die richting. Volgens de geïnterviewde experten kan migratie wel een adaptieve strategie zijn, maar dan moet de migrant beslissingsbevoegdheid, middelen en een plan hebben.

In veel gevallen is dat niet zo, en is migreren gewoon een overlevingsstrategie: het is het enige alternatief wanneer de leefomstandigheden onhoudbaar worden. Dat onderscheid is belangrijk. Het confronteert ons met het feit dat mobiliteit voor miljoenen mensen geen kans is, maar een gedwongen reactie op het verlies van hun bestaansmiddelen.

Beleid: veel woorden, weinig coördinatie

Over het best te volgen overheidsbeleid is de consensus bijzonder zwak.

Klimaatgerelateerde migratie staat nu wel prominent op de internationale agenda, maar er bestaat nog steeds geen mondiaal kader dat een samenhangend, gecoördineerd antwoord biedt. Er is wel sprake van in het Global Compact for Migration van de VN en in de Duurzame Ontwikkelingsdoelen, maar in de praktijk is de impact daarvan beperkt.

Onze Delphi-consultatie toont dat de experten prioriteit geven aan de integratie van klimaatrechtvaardigheid in het beleid rond ontwikkelingssamenwerking. Ze zijn het er ook over eens dat dat beleid gericht moet zijn op de verbetering van de leefomstandigheden van de meest kwetsbare bevolkingsgroepen, en op de versterking van hun aanpassingsvermogen.

Maar de experten wijzen ook op een opvallende tegenstrijdigheid. Beleid op het gebied van migratie, handel, landbouw en visserij is vaak onsamenhangend en kan zelfs botsen met de duurzame ontwikkelingsdoelen. Dat gebrek aan coherentie hindert het vermogen om te reageren op het steeds dringender wordende fenomeen van klimaatgerelateerde migratie.

Een uitdaging voor wetenschap en politiek

Onze belangrijkste conclusie is dat onderzoek naar klimaatgerelateerde mobiliteit, zowel wetenschappelijk als beleidsmatig, nog volop in ontwikkeling is. Het gebrek aan gedeelde definities, de schaarste aan vergelijkbare data en de moeilijkheid om perspectieven uit verschillende disciplines te integreren, verklaren voor een groot deel de verschillen.

Maar die onduidelijkheid neemt niet weg dat de effecten van klimaatverandering snel toenemen. Milieuveranderingen verlopen dus sneller dan de beleidsbeslissingen die welzijn en bestaanszekerheid zouden moeten waarborgen.

Het is essentieel dat we beter inzicht krijgen in wie moet vluchten, waarom dat is, en welke maatregelen de rechten van die mensen kunnen garanderen. Dat is niet alleen nodig om toekomstige bevolkingsbewegingen te voorspellen, maar ook om ervoor te zorgen dat mensen die gedwongen worden te migreren niet vast komen te zitten in juridische en beleidsmatige lacunes die nog lang niet zijn opgelost.

Dit artikel is oorspronkelijk verschenen bij MariaBode mediapartner IPS/The Conversation.