Pausbezoek: Hoeveel katholicisme is er nog in Spanje?

Leestijd: 3 minuten

 

Maandag 8 juni 2026 – 07.00 uur Bron:: Redactie Kerk/SV/TVE/ADN – Beeld: MB

MADRID    Ruim de helft van de Spanjaarden noemt zich nog katholiek, maar dat aandeel daalt al decennia en aan die daling lijkt geen einde te komen.

Vooral onder jongeren wint het ongeloof snel terrein. Dat is best opvallend, want Spanje gold lang als een door en door katholiek land. Onder Franco was de kerk verweven met staat, school en straat, en nog in de jaren zestig zei bijna iedereen gelovig te zijn. Maar die tijd is voorbij. Volgens recente cijfers van het CIS (Centro de Investigaciones Sociológicas), het Spaanse bureau voor sociologisch onderzoek, noemt nu iets meer dan de helft van de bevolking zich nog katholiek.

De kwestie is opnieuw actueel nu paus Leo XIV deze week voor het eerst voet op Spaanse bodem zet. Hij begint zijn reis van 6 tot en met 12 juni aan een land dat zijn geloof in rap tempo ziet verschuiven.

Hoeveel Spanjaarden zijn nog katholiek?

In de jaren zestig noemde nog rond de 98 procent van de Spanjaarden zich katholiek. Nu ligt dat op ongeveer 53 procent. Van die groep gaat het overgrote deel zelden of nooit naar de kerk. Ongeveer een op de zes Spanjaarden is praktiserend, de rest is alleen nog katholiek op papier. Tegelijk groeit de groep die zich atheïst, agnost of ongelovig noemt naar ruim vier op de tien.

De snelle opmars van het atheïsme is opvallend. In tien jaar tijd ging dat aandeel van zo’n 10 naar bijna 16 procent. Andere religies, voor een groot deel door immigratie, zijn samen goed voor een kleine 5 procent, ongeveer het dubbele van 10 jaar geleden.

Waarom keren jongeren de kerk de rug toe?

Het sterkst is de breuk zichtbaar bij de jeugd. Begin deze eeuw noemde nog zo’n 60 procent van de 18- tot 29-jarigen zich katholiek; nu is dat rond een derde. Onder de allerjongsten, de 18- tot 24-jarigen, zegt inmiddels een meerderheid niet of niet meer te geloven. Bij de 70-plussers blijft het katholicisme juist dominant, met ruim driekwart.

Die kloof tussen generaties verklaart een groot deel van de daling. Ouderen die overlijden, worden vervangen door jongeren die seculier opgroeien. Ook het aantal kerkelijke huwelijken en de inschrijvingen voor het vak godsdienst op school lopen al jaren gestaag terug. Is de kerk daarmee langzaam maar zeker aan het verdwijnen uit Spanje? Voorlopig niet. De kerk is nog altijd zichtbaar in feestdagen, processies en tradities, van de Semana Santa (Goede Week) tot dorpsfeesten met een heilige als middelpunt. Maar bij deze bijeenkomsten staat familie en gezelligheid op de eerste plaats, de kerk moet genoegen nemen met een tweede plaats.

Ook cultureel blijft de invloed groot; denk aan de slepende heiligverklaring van architect Antoni Gaudi, de man achter de Sagrada Família.Maar wanneer het gaat om huwelijksvoltrekkingen of doopvieringen in de kerk, dan is er voor menig pastoor weinig meer te doen.

Bijzonder aspect aan het Pausbezoek is de persoonlijke band met het land van Leo. Leo XIV groeide op met een moeder van Spaanse komaf en reisde als kardinaal vaak naar Spaanse steden. Toch is niet iedereen blij met zoveel kerkelijke aandacht. Atheïstische en laïcistische groepen hebben flinke kritiek en wijzen op de scheiding van kerk en staat die de grondwet van 1978 voorschrijft.

Wat merken Nederlanders en Belgen hiervan?

Voor wie in Spanje woont of er een woning heeft, schuilt het verschil vooral in de praktijk. In Nederland en België is religie grotendeels uit het bestuur verdwenen, terwijl ze in Spanje nog zeer actief is in onderwijs, zorg en op de feestkalender. Dat zie je zelfs terug in de belastingaangifte: wie als fiscaal resident aangifte doet, komt twee vakjes tegen waarmee een deel van de IRPF (inkomstenbelasting) naar de kerk of naar sociale doelen kan gaan. Steeds meer mensen laten die vakjes bewust leeg en wie niets aanvinkt, laat de keuze aan de Spaanse staat.

De cijfers tonen zo twee bewegingen die naast elkaar bestaan. Het geloof als persoonlijke overtuiging brokkelt af, vooral zeer snel bij jongeren, terwijl de kerk als instituut en als cultureel anker nog stevig in de Spaanse samenleving verankerd zit.